Jûjî

çak

bijvoeglijk naamwoord
  1. vriendelijk / goed / deugdzaam

    de
    gut
    en
    friendly / good / gracious / virtuous
    tr
    iyi / ihtimam
    kmr
    çê, baş, qenc, rind, bikêr, saxlem, sax

Herkomst

Hevreha soranî چاک (çak), talişî [skrîpt hewce ye] (čāk), [skrîpt hewce ye] (čuk, “çak”), farisî چابک (čābok) û farisiya navîn čābuk. Bide be gîlekî چاکودٚن (čākudən, “çêkirin”).

Verwante woorden

Bron en licentie

Dit lemma komt uit Wîkîferheng/Wiktionary en valt onder CC BY-SA 4.0. Bron: Wîkîferheng. Onze afgeleide gegevens delen we onder dezelfde licentie.

çak — Koerdisch woordenboek · Jûjî