Jûjî

gêwl

/ˈɡeːwl/

zelfstandig naamwoord
  1. disposition / mood

    kmr
    zewq, meyl, bij, mijaj, arezû, dilbijîn, îşteh, mereq, mad, mirûz, dilxwazî, keyf, kêf

Voorbeelden

  • Îro gêwlê min li suhbetê nade.

Verwante woorden

Andere schrijfwijzen

Bron en licentie

Dit lemma komt uit Wîkîferheng/Wiktionary en valt onder CC BY-SA 4.0. Bron: Wîkîferheng. Onze afgeleide gegevens delen we onder dezelfde licentie.