Jûjî

fîtik

/fiːˈtɘk/

zelfstandig naamwoord
  1. ıslık / sülüs

    de
    Pfeife
    en
    whistle / snip / toot / flageolet
    kmr
    fîskanî, fîk sewt derxistineka bi pifkirina di nav herdu lêvan re

Verwante woorden

Afleidingen

Bron en licentie

Dit lemma komt uit Wîkîferheng/Wiktionary en valt onder CC BY-SA 4.0. Bron: Wîkîferheng. Onze afgeleide gegevens delen we onder dezelfde licentie.