Jûjî

bicoş

bijvoeglijk naamwoord
  1. gelukkig / zegenrijk

    de
    glücklich / überschwenglich / rauschend / frenetisch
    en
    happy / glad / pleased / cheerful
    tr
    bahtiyar / celalli
    kmr
    Şad, bikêf, bikeyf, kêfdar, dilxweş, kêfxweş, bextiyar, bextewer, şa.

Herkomst

Ji bi- + coş.

Verwante woorden

Antoniemen

Bron en licentie

Dit lemma komt uit Wîkîferheng/Wiktionary en valt onder CC BY-SA 4.0. Bron: Wîkîferheng. Onze afgeleide gegevens delen we onder dezelfde licentie.