Jûjî

bazûka

/bɑːzuːˈkɑː/

zelfstandig naamwoord
  1. bazuka

    de
    Panzerfaust
    en
    bazooka
    kmr
    Roketavêj.

Herkomst

Ji îngilîzî bazooka.

Bron en licentie

Dit lemma komt uit Wîkîferheng/Wiktionary en valt onder CC BY-SA 4.0. Bron: Wîkîferheng. Onze afgeleide gegevens delen we onder dezelfde licentie.