Jûjî

înfaz

zelfstandig naamwoord
  1. nakomen / naleven / uitvoeren / verrichten

    de
    ausführen / bestellen / erfüllen / leisten
    en
    accomplish / achieve / keep / observe
    tr
    infaz / yürütüm
    kmr
    bicihanîn, çespandin, encamdan, pêkanîn, kirin, îcra

Herkomst

Ji erebî إِنْفَاذ (ʔinfāḏ).

Verwante woorden

Andere schrijfwijzen

Bron en licentie

Dit lemma komt uit Wîkîferheng/Wiktionary en valt onder CC BY-SA 4.0. Bron: Wîkîferheng. Onze afgeleide gegevens delen we onder dezelfde licentie.